Gebouwen

Prelude
Ouverture
Kunstkringen
Japanse Kampen
Orkesten/Koren
Komponisten
Artiesten
Sticusa/Erasmushuis
Programma's/Recensies
Encores/Links
Onderzoekers
Chronologie en kaarten
Knipsels
Gebouwen
Radio
gamelan
 
Stadsschouwburg          Print Version/Afdruk Versie

Dit theater was tijdens de koloniale tijdeen strikt europese aangelegenheid. Lange tijd was het verboden
voor Indonesiërs. De term "culturele uitwisseling" moest nog worden uitgevonden.
Thans, meer dan een halve eeuw na de soevereiniteitsoverdracht, is er wel degelijk sprake van een oprechte belangstelling voor wederzijdse Oosterse en Westerse  culturen.

De aanzet tot de bouw van een echt theater werd gegeven door engelse officieren tijdens het Britse interregnum van 1811-1816. Zij bouwden voor dit doel een noodtheater van bamboe, dat plaats bood taan 250 personen in Weltevreden. Na 1816 werd de draad weer opgepakt door de Bataviase  amateurvereniging 'Ut desint vires est tamen laudanda voluntas" (waar de krachten ontbreken is de goede wil te prijzen). Dit gezelschap beijverde zich voor de bouw van een stenen gebouw middels geldinzamelingen onder de burgers en het tekort werd gedekt door leningen. In 1821 werd de schouwburg officieel geopend.
Het gebouw zag er toen anders uit, zonder de huidige zijvleugels en de entree. Mannen en    Vrouwen zaten er als in de kerk, gescheiden! Het publiek liet het afweten en er kwamen loterijen en vertwijfelde oproepen in de pers. Ook ging men over tot verhuur van de lokaliteit.
In 1835 kwam daar verandering in door het optreden van een professioneel Frans gezelschap. Al gauw kwamen er ook andere toneel-, opera- en operette combinaties uit Duitsland, Italië en Rusland. De plaatselijke resident nam de exploitatie over en bekostigde de verbouwing naar de huidige staat.
Na 1870 kwam door het afschaffen van het cultuurstelsel en de opening van het Suezkanaal een nieuwe stroom immigranten op gang. Het aantal heren sociëteiten, sport -en muziekverenigingen nam toe. Er kwamen ook steeds meer vrouwen met een klassieke  opleiding die over een goede muzikale achtergrond beschikten
Tegelijkertijd verschenen er kunstkritieken in de dagbladen. 
In 1894 werd de Bataviase Operaclub opgericht olv Isodore Van Kinsbergen die zelf decorschilder en operazanger was. Tegelijkertijd fungeerde deze alleskunner als impressario.
In 1821 bestond de schouwburg 100 jaar en werd Hans van der Wall geëerd voor zijn inspanningen op toneelgebied. (40 jarig jubileum) _
De japanners gebruikten in 1942 het gebouw aanvankelijk als kazerne voor het bezettingsleger maar al in '43 werd het in zijn oude functie hersteld, echter onder de naam 'Siritsu Gekisyoo'. Vanaf die tijd werden er regelmatig toneelvoorstellingen gegeven door Indonesiërs. Na de Japanse capitulatie werd al   op 29 augustus 1945 in de schouwburg de eerste zitting van de volksvertegenwoordiging gehouden.
Niet alleen Nederlandse maar ook internationale muziek- en toneelgezelschappen gaven er weer uitvoeringen. Het AF.R.I.B station Orkest, het Radio Omroep Orkest en de, Oratoriumvereniging traden er geregeld op.
Op 27 december 1949 vond de soevereiniteitsoverdracht plaats. De Indonesische acteurs  en muzikanten wilden de schouwburg meer bekendheid geven en organiseerden een 4 dagen durende 'Grand : Revue. I Voorts werd het gebouw gebruikt voor colleges van de Economische- en de Rechtenfaculteit van de Universitas Indonesia, vergaderingen, feestavonden en huwelijksrecepties.
 In de 50er jaren organiseerde Kunstkring en de STICUSA culturele evenementen.
maar in 1962 werd er belasting geheven en bloedde het dood. Men week uit naar de
Balay Budaya en de Bali-room van hotel Indonesia. Gouverneur Ali Sadikin echter, liet de  schouwburg opknappen wat weinig effect had. Taman Ismail Marzuki (TIM) werd als Cultureel centrum geopend.  Het was van alle gemakken voorzien en voldeed aan hoge eisen. De schouwburg werd aan een bioscoopexploitant verhuurd en onder de naam 'Dana' en "New City Theatre" werden er Indiase of Chinese films vertoond.  Na afloop van het contract werd in 1972 de schouwburg tot monument verklaard. Opnieuw werd het gebouw gerenoveerd en uitgebreid, nu tot 450 zitplaatsen. Het kreeg de naam Gedung Kesenian.
de grote zaal wordt dan ook verhuurd aan particulieren en er worden producties van minder kaliber toegelaten. De relatief hoge entreeprijzen zijn echter niet toereikend om alle kosten te dekken en daarom draagt de gemeente Jakarta een steentje bij voor de vaste kosten.
Het programma van de laatste jaren laat een indrukwekkende lijst zien van optredens van nationale en internationale artieste en gezelschapen.

Print Version/Afdruk Versie